Amsterdam organiseert EuroPride 2016

EuroPride

Sinds begin vorig jaar maakt het Amsterdam Gay Pride-team zich sterk om EuroPride 2016 naar Amsterdam te halen. Ongeacht of ons dat nu wel of niet zou lukken, leek het me mooi om vanuit het bestuur actief bij te dragen aan de versterking van het netwerk en de internationale uitstraling van EuroPride. Zouden we het bid binnenhalen, dan zouden we onze EuroPride hier ook nog eens vol voor kunnen inzetten. Op 28 september tijdens de jaarvergadering van de European Pride Organisers Association ben ik verkozen tot secretaris van het bestuur. En bovendien zijn onze inspanningen gelukkig beloond! Dankzij een lijvig bidbook en een stevige presentatie heeft het team unaniem het vertrouwen gekregen van de 16 aanwezige steden. Amsterdam organiseert EuroPride 2016!

logo epoaSchermafbeelding 2014-01-08 om 23.53.38

Wat doet EPOA? (Engels)

The European Pride Organisers Association is a network of European Gay, Lesbian, Bisexual, Transgender Pride Organisations. epoa was founded in London and incorporated in 2002 in Berlin as a non-profit association. epoa holds the rights to the title EuroPride. The purpose of epoa is to promote lesbian, gay, bisexual and transgender Pride on a pan-European level and to empower and support local and national pride organisations in their efforts of planning and promoting pride celebrations. epoa also wants to facilitate networking and skill-sharing among members. One of the means of doing this is the annual conference. epoa also grants the license of &quotEuroPride” to a different city each year. The rules of procedure for EuroPride provide details about the application and the decision process.

The board runs the organisation year-round and makes sure that it stays financially solvent. The board also makes sure that the organisation is properly represented towards the media and other organisations and that the money is spent prudently and in line with the goals of epoa. It tries to specifically reach out to new organisations to make them come to the annual conference and become members. The board also works closely with EuroPride organisers to help them manage and promote the event inside and outside of epoa.

 

 

Zoenen is gevaarlijk

Gisterenmiddag presenteerden  Stichting OndersteBoven en Movisie bij IHLIA in de OBA hun onderzoek naar anti-lesbisch geweld. Movisie verrichtte dit onderzoek in opdracht van OndersteBoven omdat anti-lesbisch geweld totnogtoe een blinde vlek was in studies rond homogerelateerd geweld.

Het rapport van het onderzoek kun je hier downloaden.

Na de presentatie kwam er onder de aanwezigen een levendige discussie op gang die zich richtte op oplossingen. In het debat dat later op dezelfde dag plaatsvond in een samenwerking tussen Roze in Blauw en Stichting OndersteBoven, werden vele goed realiseerbare ideeën geopperd, die bij kunnen dragen aan het verhogen van het aantal aangiftes. Wat misschien nog wel het belangrijkste was dat de aanwezige experts en professionals zich duidelijk uitspraken om mét Roze in Blauw samen op te trekken om het belang van aangifte dan wel melding onder LBT’s breder bekend te maken.

Ook LesBische vrouwen slachtoffer van geweld

Agressie en geweld tegen lesbische vrouwen komen vaker voor dan gedacht. Vrouwen doen echter veel minder melding van incidenten dan homomannen, dit blijkt uit het onderzoek dat MOVISIE deed in opdracht van stichting OndersteBoven. Onderzoeker Hanneke Felten: ‘De vrouwen schamen zich voor het, vaak seksueel getinte, geweld en denken dat het zinloos is om aangifte te doen of bagatelliseren het. Zij die wel naar de politie gaan komen vaak van een koude kermis thuis: de politie raadt hen in veel gevallen af om aangifte te doen vanwege gebrek aan bewijs.’

MOVISIE sprak met 24 vrouwen die 54 incidenten van anti-lesbisch geweld meldden. Deze varieerden van belediging, bedreiging, openlijke geweldpleging, zware mishandeling, vernieling, stalking, poging tot doodslag, aanranding en verkrachting tot aanhoudende pesterijen en vernielingen van buurtbewoners, klasgenoten of mensen op het werk. ‘Geweld tegen lesbiennes was tot nog toe een blinde vlek. Nu het zichtbaar is gemaakt, kan het worden bestreden’, zegt Irene Hemelaar, directeur van OndersteBoven, de stichting die onder andere met dit onderzoek de zichtbaarheid en daarmee de sociale acceptatie van lesbische en biseksuele vrouwen wil bevorderen. De stichting roept op om geweld te melden bij de politie, ook als het al langer geleden is.

Intimiteit laten zien is gevaarlijk

’Zoenen of andere tekenen van affectie in het openbaar blijken vaak aanleiding tot geweld’, zegt onderzoeker Judith Schuyf. ’Geweld tegen lesbische vrouwen is een relatief onzichtbaar fenomeen in de media en in de officiële statistieken van politie en anti-discriminatievoorzieningen, maar wordt daarom niet minder gevoeld door de vrouwen.’ Slechts één incident uit het onderzoek is terug te vinden in de politiestatistieken als anti-lesbisch geweld en slechts één keer werd er een dader veroordeeld.

Gevolgen zijn ernstig

Uit het onderzoek blijkt dat de gevolgen voor deze vrouwen vaak ingrijpend zijn. In één geval is sprake van blijvende invaliditeit, verder kampen enkele vrouwen met posttraumatische stressstoornis en suïcidaal gedrag. Ook voor de andere vrouwen heeft het geweld verstrekkende gevolgen. Felten: ‘De slachtoffers passen hun gedrag blijvend aan, zodat ze niet meer zichtbaar zijn als lesbische vrouw, door bijvoorbeeld in het openbaar geen affectie te tonen.’

19-12 Alliantiedebat “Zijn we nu Zichtbaar LesBisch Genoeg”

Vera en Irene openen de debatavond

COC Nederland en Stichting OndersteBoven geven sinds 1,5 jaar in een lesBische Alliantie met onder andere Zij aan Zij – ondersteund met een subsidie van OCW -een impuls aan de LesBische emancipatie door het samenbrengen en combineren van de vele kleinschalige, en soms lokale activiteiten die vanuit de LBT-gemeenschap worden ondernomen. De alliantie wil de zichtbaarheid van LBT-vrouwen te bevorderen en vanuit een centrale positie de LBT-agenda behartigen

De alliantie heeft de doelstellingen die ze zich voor deze periode stelde grotendeels gehaald. We zien dat het belang van lesBische zichtbaarheid steeds breder wordt erkend en dat de community in beweging komt en dat er steeds meer gebeurt in het land. OCW ondersteunt de alliantie nog eens voor 3 jaar bij haar landelijke inspanningen. Daarnaast zet de gemeente Amsterdam de komende drie jaar in op lesbische zichtbaarheid, door deze als een van de vijf pijlers in haar emancipatienota op te nemen.

In het debat ‘Zijn we nu Zichtbaar LesBisch Genoeg’ dat de alliantie in samenwerking met SPE Amsterdam organiseerde kijken we, met Kim Wannet van SPE als moderator, terug en vooruit. Vera Bergkamp (COC) en Irene Hemelaar (OndersteBoven) zetten uiteen waarop de afgelopen 1,5 jaar is ingezet. Amsterdams wethouder Andrée van Es vertelt over het belang van de emancipatienota. Hierna volgen levendige gesprekken met zo’n 55 betrokken vrouwen met verschillende culturele achtergronden, verschillende leeftijden en zeer uiteenlopende visies. Hierbij dienden de volgende vragen als uitgangspunt:

– Zijn we er al bijna met de emancipatie, sociale en zelfacceptatie van lesBische vrouwen? Of nog lang niet?
– Wat gebeurt er al en wat zou er (nog meer) moeten gebeuren?
– Door wie?
– Wat kan er beter / anders?

In een viertal discussies komen deze vragen in een verschillend perspectief aan de orde:
-Positie van biseksuele vrouwen binnen LesBische beweging
-Belang van zichtbaarheid vanuit genderperspectief
-Meiden/vrouwen met een migrantenachtergrond
-De zichtbaarheid van LBT-vrouwen binnen de samenleving, de LHBT- en de vrouwenbeweging

Nieuwe inzichten en thema’s vinden begin 2012 hun beslag in de plannen voor het project Zichtbaar LesBisch 2.0 dat de LesBische Alliantie de komende drie jaar landelijk zal uitvoeren.

In Amsterdam kunnen LesBische initiatiefneemsters hun plannen indienen bij SPE.

Het verslag van de bijeenkomst kun je hier downloaden.

 

Na afloop netwerken tijdens de borrel